dinsdag 17 februari 2009

Waakzaamheid

Mijn oudste dochter belde gisteren vlak na schooltijd met een erg verwarde boodschap. Er was iets engs gebeurd op school.
‘Wil je mij alsjeblieft komen halen?’ smeekte ze, terwijl de afspraak was dat ze met de bus naar huis zou komen.
Heel even dacht ik dat ze me met een smoes probeerde naar Diest te lokken. Het regende en het zou niet de eerste keer zijn dat ze liever niet te voet naar de bushalte wilde. Maar ik hoorde toch aan haar stem dat er echt iets aan de hand was.
‘Wat is er dan gebeurd?’ vroeg ik en was niet op het antwoord voorbereid.
‘Er is een meisje ontvoerd uit onze school. Een man heeft haar over zijn schouder gegooid en is heel snel met haar naar buiten gelopen.’
In minder dan tien minuten stond ik aan de schoolpoort.

Het meisje in kwestie is intussen terecht. De ontvoering gebeurde in de eerste graad, bij de aanvang van de tweede speeltijd. De man, die achteraf haar eigen vader bleek te zijn, stond in de gang te wachten en greep zijn dochter zodra ze uit de klas naar buiten kwam, gooide haar gillend en stampend over zijn schouder en duwde andere kinderen opzij om te ontsnappen.
Leerkrachten die ook de gang op waren gekomen, renden uit alle macht achter de man aan, maar slaagden er niet in om hem in te halen. Hij sprintte voor hun ogen langs een van de poorten naar buiten, waar een handlanger hem met een auto stond op te wachten.
Uit goede bron heb ik vernomen dat het meisje de pion is in de echtscheiding van haar ouders. Met deze misdaad wilde de vader de impasse breken omtrend het hoederecht van zijn dochter.
Over de pijnlijke emoties in een echtscheiding wil ik me niet uitspreken. Ik zou er nochtans, uit eigen ervaring, genoeg over kunnen vertellen.

Waar ik het wel even wil over hebben is het debat dat ongetwijfeld zal loskomen in Diest en omstreken over hoe we onze kinderen moeten beschermen terwijl ze niet onder onze eigen hoede zijn. Wij overhandigen onze kinderen elke dag aan mensen die over hun onschuld en veiligheid moeten waken, bovenop de andere taken die hen zijn toebedeeld. We verwachten dat zij alles naar behoren doen.
Maar doen ze dat ook? Is het personeel van onze scholen en crèches en jeugdbewegingen en speelpleinen en sportverenigingen wel waakzaam genoeg?
Naar mijn mening is het antwoord op die vraag nee en ik weet ook waarom.
Het gebrek aan waakzaamheid heeft niets te maken met het gebrek aan professionele ernst van de aanwezige werknemers, maar wel met een gebrek aan voldoende personeel.
Méér personeel in onze scholen, crèches etc. betekent een beter menselijk controlesysteem van ogen en oren. Er moeten geen premies worden uitgereikt voor high-tech security systemen. Ik wil mijn kinderen namelijk niet opsluiten in liefdevolle gevangenissen. De overheid moet investeren in meer personeel.
In de school van mijn dochter, een degelijke en hoogaangeschreven onderwijsinstelling, hebben de leerkrachten, de directie en het ondersteunend personeel het zo druk met de grote klassen, de volle lessenroosters, de drukke agenda, dat tijdens de lessen de gangen en speelplaatsen er verlaten bijliggen.
Niemand heeft tijd of aandacht om te zien wie er in- en uitloopt. Een mens kan ten slotte maar met zoveel dingen tegelijk bezig zijn.
_

1 opmerking:

  1. Het verhaal doet mij veeleer de vraag stellen wat wij er aan kunnen doen om kinderen niet meer als inzet voor een echtscheiding te gebruiken, een probleem dat zo veel schade aanricht en waar bitter weinig naar omgekeken wordt.

    BeantwoordenVerwijderen