zondag 22 mei 2016

Kookkunst - een schrijfoefening


‘Gewoon om te zien of ik het nog kan,’ zei ze luidop.
Felix, die op de brede vensterbank in de zon had liggen slapen, hief heel even zijn hoofd op, keek haar geveinsd onverschillig aan, rekte zich traag uit en ging in een gemakkelijke houding liggen van waaruit hij haar kon gadeslaan, zonder tegelijk de bewegingen van de huppelende vogels op het terras uit het oog te verliezen. Als kater lapte Felix de wereld aan zijn laars. Dan slenterde hij over straat met een gevoel van zelfvertrouwen dat grensde aan hooghartigheid en negeerde hij iedereen die bij haar op visite kwam. Maar als huisgenoot was hij een softie. Hij hield onvoorwaardelijk van haar, troostte haar wanneer ze het nodig had en was haar rots in de branding.
‘Je verleert het natuurlijk nooit. Het is zoals fietsen. Je kan het of je kan het niet. Maar eens je het kan, is het voor het leven. Toch?’  
Felix hoorde ongetwijfeld de onzekerheid in haar stem, maar weerhield zich uit beleefdheid van commentaar. Het tipje van zijn staart ging even op en neer.
Een kookboek hoefde er niet aan te pas te komen. Het recept kende ze namelijk al jaren uit het hoofd. Niet omwille van haar fantastische geheugen, want dat had ze niet. Ze stond erom bekend de dingen niet te kunnen onthouden. Maar koken, dat kon ze instinctief. Het zat haar in de vingers.  Alsof het voorgeprogrammeerd was.
Alleen was het veel te lang geleden dat ze nog in de keuken had gestaan. Ze had zichzelf de afgelopen jaren in leven gehouden, meer ook niet. Het exuberant, onbeschaamd en gepassioneerd creëren van gerechten en maaltijden, dat haar vroeger versmachtte en bevrijdde, eerst opslokte en daarna telkens weer verloste van haar meest duistere gedachten, dat soort koken lag in het verleden. Haar dal na Alexander was diep geweest. Zijn dood had haar leven in een rouwstoet veranderd, waarin zij als een eenzame dwaas voorop liep, met zijn lijkwade als een mantel om haar schouders geslagen.  
Nu stond ze in de keuken en staarde naar het aanrecht. Ze trok de laden en kasten open, en controleerde het kookgerei. Alles was klaar voor haar aanraking. De verse ingrediënten die ze vanochtend bij elkaar gebracht had, stonden binnen handbereik.
Toen barstte de vreugde plots met meedogenloze hevigheid naar de oppervlakte. Het borrelde en kriebelde, en zette haar lichaam in beweging. Ze scheurde het grote pak met medeklinkers open en schudde de juiste hoeveelheid in een paarse mengkom. Een weegschaal had ze niet nodig, ze voelde wanneer het genoeg was. De letters maakten een uitdagend, tinkelend geluid.
‘Hoor je dat, Felix?’ vroeg ze. ‘Klinkt dat niet heerlijk?’
Felix keek naar haar en ging in stilte akkoord.
Ze haalde diep adem en voegde de klinkers toe aan de kom, waarna ze alle droge letters dooreen mengde. De eerste woorden begonnen zich hier en daar al samen te voegen, maar er moest nog veel gebeuren vooraleer ze haar trillende, knedende vingers in het mengsel kon steken. Het kleine pakje met leestekens opende ze voorzichtig. Uit ervaring wist ze dat die het grote verschil konden maken in een gerecht. Teveel komma’s of te weinig punten maakten een wereld van verschil. Was je te kwistig met de uitroeptekens, dan dreigde alles bitter te worden. Was je te karig met de vraagtekens, dan riskeerde je een fletse maaltijd op tafel te zetten. Ten slotte telde ze de juiste hoeveelheid witregels en spaties, schudde ze op haar handpalm en sprenkelde ze langzaam uit over het geheel.
Toen waren alle ingrediënten bijeen, en lag haar creatie als een vormeloze, onvoorspelbare en nog onbestemde klodder bevlogenheid in de mengkom. Ze waste haar handen, droogde ze met een schone vaatdoek en  voelde een lichte huivering toen ze zich eindelijk onderdompelde in de kleverige, warme, smeuïge, zoete, beweeglijke massa van haar verbeelding.
Haar vingers knepen en kneedden, zochten en struikelden, dwongen haar tot beheersing en sleurden haar mee naar die bekende, begeerde piek van verrukking. De woorden, de zinnen, de gedachten, de gevoelens, ze kwamen uit de brij tevoorschijn en toonden zich aan haar als onverzadigbare kinderen. Kijk mama, kijk mama, kijk mama, riepen ze onophoudelijk, smekend om haar aandacht. Ze keek en hijgde van opwinding, terwijl ze haar stoute en brave kinderen elk dezelfde regels oplegde en in mooie, heerlijke rijen dwong.
Toen ze klaar was, en haar creatie bekeek, bekeek en herbekeek, kwamen eindelijk de tranen. Het resultaat was precies zoals ze het zich had voorgesteld. Beter zelfs. Het zag er heerlijk uit, en het verrukkelijke aroma vulde de keuken. Nu ze de zoete geur diep inademde, kon ze nauwelijks geloven dat haar verbeelding en haar vingers dit gerecht hadden voortgebracht.
‘Heb ik dit gemaakt?’
Ze wist dat ze van dit ultrakorte moment van extase moest genieten, want het zou niet blijven duren. Nu al voelde ze de eerste lichte onzekerheid prikken. Onzekerheid over de vorm, de kleur, de geur en de smaak van wat ze in de wereld had gebracht. Over enkele minuten zou de triomf, haar pompeuze minnaar, oog in oog komen te staan met de twijfel, die geniepige kwelduivel die haar altijd vanuit een hoek van de keuken begluurde. Felix zag hem dichterbij sluipen, sprong recht en blies tevergeefs een waarschuwing in zijn richting.
Ze greep de mengkom, rukte als een bezetene het deksel van de vuilbak en kieperde alles de verdoemenis in. Weg ermee. Gewoon weg!
Ze glimlachte en keek naar de troep die ze gemaakt had. Zo goed had haar keuken er in geen jaren meer uitgezien. Ze leefde. Ze voelde het.
‘Morgen begin ik opnieuw,’ zei ze opgelucht, en Felix geeuwde zijn akkoord.
 
 
 

vrijdag 26 september 2014

Hedendaagse goden - een opstel van Ali Rifai

Omdat de wereld zodanig veranderd is sinds de tijd van de Romeinen zouden er in deze tijd nieuwe goden heersen over onze wereld. Vroeger waren er heel veel goden die zo goed als het hele leven van de toenmalige Romeinse burger bepaalden. In deze tijd is er een groot verschil. Nu zijn er maar 5 goden.

Mobilitus, de god van het transport, Educates, de godin van het onderwijs, Muscularus, de god van de topsport, Relaxia, de godin van de ontspanning, en tegenwoordig de belangrijkste: Electron, de god van de elektronica.

Mobilitus is baas over alles dat met transport te maken heeft. Dit kan gaan over auto’s, boten, vliegtuigen, noem maar op. Waar hij ook voor zorgt is de drang van de bestuurders om snel te rijden en de verkeersagressie.    
                                      

Educates heerst over de punten van de leerlingen en studenten Zij zorgt er ook voor dat er zoveel mogelijk leerlingen naar school kunnen. Ze zegent sommige leerlingen met wijsheid, maar met anderen doet ze soms het tegenovergestelde. Zij bepaalt ook welke richting kinderen kiezen. Zelf is ze heel slim.

Muscularus is een heel rijke en gespierde god. Hij is de god van alle sporten in de wereld, maar vooral op professioneel niveau. Hij traint elke dag en er is geen enkele sport die hij zelf nog niet beoefend heeft. Hij wil dat elke sport zo bekend mogelijk wordt. Hij beslist wie topsporter kan worden en wie niet.

Relaxia houdt van ontspanning. Ze wil dat iedereen boeken leest, zoveel mogelijk op vakantie gaat en veel buiten speelt. Haar grootste vijand is Electron, die dat allemaal afraadt. Relaxia’s macht over de wereld neemt snel af, want steeds minder mensen zijn geïnteresseerd in boeken lezen en buiten spelen.

Electron is echt geobsedeerd door de nieuwe snufjes. Hij wil iedereen aan een iPhone krijgen en verslaafd laten geraken aan de nieuwe technologie. Niemand mag van hem buitenspelen of boeken lezen. Hoe meer je speelt op je computer of Playstation hoe beter. De laatste tijd wordt hij steeds machtiger, vooral over jongeren.          

zaterdag 8 februari 2014

De saaiste gemeente

Vorig jaar was het om allerlei redenen niet gelukt. De deelname van Scherpenheuvel-Zichem aan de quiz De Slimste Gemeente op VIER liet dus nog een jaar op zich wachten. Voor de fans van het programma, de stad of – wie weet – de burgemeester was het dus ongeduldig aftellen. Vanop discrete afstand volgden zij in het najaar van 2013 de ups en downs tijdens de preselectie. Toen uiteindelijk bleek dat het duo topquizzers dat samen met onze burgervader onze eer mocht gaan verdedigen leden van de oppositie waren, dacht menigeen dat een meer evenwichtige vertegenwoordiging van onze stad nauwelijks mogelijk was. Ik hield nochtans mijn hart vast en uiteindelijk bleek dat geen overbodige voorzorgsmaatregel.
 
De doorgang van onze burgemeester Manu Claes (CD&V) en zijn oppositiepartners Sofie Coomans en Ronny Van Gossum (beide sp.a) op VIER is op zijn minst opmerkelijk te noemen. De zenuwen en zweetparels waren aandoenlijk, maar hoe zou je zelf zijn onder zoveel druk? Zeker wanneer je weet dat een doordeweekse aflevering van De Slimste Gemeente al snel een kijkcijferaantal van 300.000 haalt. Je zou voor minder je geheugen verliezen. Nochtans is Manu Claes een doorwinterde politicus, die al een en ander gewend is wat betreft televisieoptredens en andere media. Tijdens al die jaren en al die gecumuleerde mandaten heeft hij al voor heel wat hete vuren gestaan, zou je zo denken. Toch stel ik mij de vraag of een burgemeester die het lef heeft om met zijn oppositie aan zijn zij op televisie te verschijnen wel het gevoel heeft dat hij iets te vrezen heeft van die oppositie. Maar dat is politieke praat, en politiek hoort volgens sommigen niet thuis in een spelprogramma. Nochtans ben ik er zeker van dat dit trio voor Michiel Devlieger het gedroomde team was om de draak mee te steken, ware het niet dat hij al van bij de eerste minuut doorhad dat ze hun gevoel voor humor hadden thuisgelaten.  
 
Maar het was niet ons trio’s mislukte poging tot eeuwige televisieroem die bij mij ergernis uitlokte, het was de bevestiging van wat ik al wist: VIER is kampioen in uitlachteevee van de bovenste plank. Toen ze mensen op straat interviewden over wat onze stad dan zoal te bieden heeft, voerden ze enkele rampambassadeurs op die vonden dat er behalve de Basiliek in Scherpenheuvel-Zichem eigenlijk niets noemenswaardigs te ontdekken of beleven is. Niets is natuurlijk minder waar, maar volgens de makers van De Slimste Gemeente hoort die informatie ongetwijfeld enkel thuis in Vlaanderen Vakantieland.  
 
http://www.vier.be/deslimstegemeente/videos/niks-te-zien-hier/116414
 
-----
 
 
 
Een reactie is welkom, mits goede manieren.
 
 
 


zondag 3 november 2013

Heilige huisjes

'Heilige huisjes' van de hedendaagse Nederlandse
schilder Herbert Immer Willems
We hebben er een aantal in Scherpenheuvel. Heilige huisjes waartegen niet mag geschopt worden. Doe je dat toch, dan riskeer je publieke vierendeling of een andere tuchtmaatregel. Ik bedoel dat natuurlijk niet letterlijk. Al bij al valt het met de lijfstraffen in mijn dorp nog behoorlijk mee. Ik spreek uit ervaring. Ik heb al heel veel stoute dingen gezegd en gedaan, en toch mocht ik onlangs – Hilterfilmpje en andere kolder ten spijt – op de shortlist staan voor de Cultuurprijs 2014, in mijn hoedanigheid als auteur van De Madonna’s van Scherpenheuvel. Dank aan iedereen die mij kandidaat stelde en eveneens dank aan eenieder die voor mij stemde. Toch prijs ik mijzelf gelukkig dat ik niet op de eerste plaats geëindigd ben. Die eer kwam namelijk toe aan Bert ‘the Voice’ Voordeckers. Niet omdat hij finalist was in een liedjeswedstrijd, maar omdat hij van zingen houdt en het nog heel goed kan ook. Hij belichaamt Scherpenheuvel op zijn geheel unieke manier, en draagt dat gevoel uit naar de wereld. Daar krijgt hij volgend jaar, bij de prijsuitreiking, van zijn dorpsgenoten eindelijk de erkenning voor die hij verdient en daar ben ik blij om.

Er zijn een aantal waarden die Scherpenheuvel maken tot wat het doorheen de geschiedenis altijd geweest is. Centraal in dat verhaal staat uiteraard Maria. Zonder Haar zou noch het bedevaartsoord, noch het dorp er ooit gekomen zijn. Zij is de magneet die de mensen naar hier lokt. Ook de schitterende basiliek, waarin het genadebeeld van ons Liefvrouwke zo elegant gehuisvest is, speelt een grote rol. Niet alleen de geschiedenis van het gebouw, maar ook de fysieke vorm die het in de ruimte inneemt, hebben een tastbare betekenis in de levens van mensen. Je komt er niet alleen binnen, je mag er ook thuiskomen… als je dat wil.

En dan zijn er de kerkelijke tradities, de ijkpunten tijdens het jaar waarop bedevaarders en parochianen hun klok gelijk zetten. De twee belangrijkste momenten zijn zonder twijfel de opening van het bedevaartseizoen op 1 mei en de afsluiting op de eerste zondag van november, wanneer de Kaarskensprocessie uitgaat. Op die dag wordt het genadebeeld door de parochiepriester eigenhandig door de straten gedragen. Een zeldzaam moment waarop Maria de begrenzing van Haar heiligdom verlaat. Wie mee wil stappen, mag dat. Maar de interesse is niet meer wat ze ooit geweest is. Weten de mensen nog wel waarom die processie (vandaag al voor de 385e keer) uitgaat? Misschien is de meer correcte vraag wel: is dat nog belangrijk? Het aantal mensen dat nog om de religieuze betekenis van deze processie naar Scherpenheuvel komen is bij wijze van spreken op één hand te tellen. De rest loopt erbij om andere redenen.

En die andere redenen hebben alles te maken met de folklore van Scherpenheuvel, alles wat buiten de deuren van de basiliek gebeurt, maar ook bijdraagt tot de aantrekkingskracht. De wafels, de kaarsen, de jaarmarkt, de molentjes, de kraampjes. Zij lokken tegenwoordig meer dagtoeristen dan de basiliek zelf. Toeristen die zelfs in de 21e eeuw met veel plezier op daytrip komen, de moderne versie van de bedevaart, met de autobus, de wagen, de fiets en sporadisch ook nog te voet. De folklore is gegroeid samen met het bedevaartsoord. Snuggere commerçanten verkochten al zelfgemaakte paternosters en Mariabeeldjes toen er op de scherpe heuvel alleen nog maar een eikenboom stond.

Maar alles is eindig. Alles is gedoemd tot uitsterven. Ook folklore. Wanneer je de vleugels van een vogeltje afsnijdt, dan mag het nog zo enthousiast tsjilpen en met verlangen in het hart naar de blauwe lucht staren, vliegen zal het nooit meer doen.  Zo vergaat het ook de folklore van Scherpenheuvel. De horeca wordt door het stadsbestuur met strakke reglementen, taxen en beperkingen aan banden gelegd, wat ervoor zorgt dat de restaurants en tavernes een voor een de deuren sluiten. Het gebrek aan een ondubbelzinnig en kordaat parkeerbeleid zorgt voor wrevel en ongemak bij winkeliers, inwoners en bezoekers. Bij het toekennen van plaatsen op de jaarmarkten krijgen de handelaars van buitenaf voorrang op de eigen handelaars. En misschien nog wel het ergst van al: een doelbewust uitdoofbeleid bezegelt stilaan het tragische lot van het meest zichtbare volksgebruik in Scherpenheuvel: de kraampjes.

Heilige huisjes zijn er om tegen te schoppen. Ook in Scherpenheuvel. Afleren zal ik het nooit.

-----


Een reactie is welkom, mits goede manieren.



  

vrijdag 20 september 2013

Erotiek aan de basiliek

Er doet een verhaal de ronde over een zwervende straatartiest en krachtpatser die aan de kost komt met voorstellingen waarin hij aan zijn verbaasde publiek toont hoe hij met zijn borstspieren een ketting kan breken die strak rond zijn borstkas zit. Hij is een woesteling en een echte klootzak, die iedereen uitscheldt en zonder reden het leven zuur maakt. Toch slaagde hij erin een moeder te overtuigen om haar dochtertje aan hem te verkopen. Het kind toert samen met hem rond en wandelt langs het publiek met de pet waarin mensen na de voorstelling hun centje deponeren. Het is een schattig en naïef meisje, met een onbegrijpelijke onderdanigheid en trouw aan de bruut die haar constant afblaft, haar psychisch misbruikt en haar nauwelijks te eten geeft.
 
Het klinkt als een modern drama. Weer een man die een kind mishandelt. Weer een moeder die omwille van de armoede of de loempigheid haar eigen kind voor de leeuwen gooit. Maar nee, dit is de plot van de roadmovie La Strada uit 1953 van Federico Fellini, de prent die paus Franciscus gisteren noemde als zijn lievelingsfilm. La Strada is volgens sommige filmcritici Fellini’s grootste meesterwerk, maar sta mij toch toe verrast te zijn dat Franciscus niet The Song of Bernadette bovenaan zijn favorietenlijstje heeft staan. Probeert hij daarmee een bonuspunt te scoren? Wie weet was hij wel eerlijk tijdens het interview. Of misschien was het gewoon de nieuwste publiciteitsstunt van een paus die zich toch o zo graag als vergevingsgezind toont, want iedereen die iets van film kent, weet dat Fellini de katholieke kerk maar al te graag als huichelachtig afschilderde.
 
Franciscus deed deze bekentenis tijdens een uitgebreid interview in het Italiaanse religieuze tijdschrift La Civiltà Cattolica, waar heel wat ophef over ontstond. De manier waarop sommige nieuwsmedia over het interview berichtten, deed uitschijnen dat Franciscus revolutionaire nieuwe uitspraken had gedaan over homoseksualiteit en abortus. (Heel even beeldde ik mij in hoe verdoken Scherpenheuvelse homo’s met opluchting uit de kast zouden springen. Spring maar, zou ik zeggen, want wie heeft daar nu de toestemming of goedkeuring van de paus voor nodig.) Maar niets is minder waar. Toch onderscheidt hij zich van zijn voorganger door te zeggen dat hij elk mens als een individu wil bekijken, omdat een biechtstoel geen martelkamer is. Als iemand bereid is zich aan God over te geven, dan is het aan de betrokken priester om de oprechtheid van die persoon te evalueren, en niet een oordeel te vellen over zijn seksuele geaardheid of daden uit het verleden.  
 
Nu ja, dat zijn mooie woorden, maar de praktijk is in de meeste gevallen anders. Deze paus is niet aan zijn gat gedoopt, zeggen ze in Scherpenheuvel, en het PR-apparaat dat hij heeft ingehuurd speelt volledig in op zijn zachtaardige imago. Wat doet het toch deugd om naar hem te kijken en te denken: ‘Het gaat eindelijk de goede kant op met de katholieke kerk!’ Ik betrap mijzelf op die overpeinzing telkens ik naar een foto van hem kijk. Misschien is dit zo’n geval waarvan je kan zeggen: het is ’t gedacht dat telt.

Bron foto: Noordhollands Dagblad
Welke diepere betekenis heeft de hedendaagse kerk nog in het leven van Jan- of Jeanne-met-de-pet? Ik weet wat ze voor mij betekent, maar wie ligt daar vandaag de dag nog van wakker? In ieder geval niet de jongeman die binnenkort in de schaduw van de Basiliek van Onze-Lieve-Vrouw van Scherpenheuvel een heuse schandaleuze seksshop opent. Ik heb uit goede bron vernomen dat de erotiek namelijk definitief haar intrede doet in het bedevaartsoord. Het is een kwestie van dagen of weken vooraleer u behalve een paternoster of een heiligenbeeldje ook een dildo zal kunnen kopen wanneer u op bedevaart komt. Vraag is alleen of u die ook zal kunnen laten wijden door de onderpastoor van dienst, om u tijdens het gebruik van mogelijk malheur te vrijwaren. Of zou dat toch een stap te ver zijn voor de moderne katholieke kerk?   


-------
Een reactie is welkom, mits goede manieren.