woensdag 3 februari 2010

Kinderen opvoeden is gevaarlijk

_
Het staat in De Standaard Online vandaag. Kinderen opvoeden is gevaarlijk. Gevaarlijk voor de kinderen, weliswaar, of dat zou het volgens de Amerikaanse auteurs van het boek Fifty Dangerous Things (You Should Let Your Children Do) toch moeten zijn. Laat ze experimenteren, laat ze hun grenzen aftasten. Het is maar door te proberen en te falen dat ze de grotemensenwereld leren inschatten.
Dit is een boek, je had het misschien al begrepen, voor overbeschermende ouders. Wij geven onze kinderen niet meer de gelegenheid om in alle vrijheid gevaarlijke dingen te doen. De Witte van Zichem mocht nog in zijn blootje in de Demer springen. Nu laten ouders dat niet meer toe. Ten onrechte, aldus dit boek.

Een greep uit de vijftig tips. Dit zijn, volgens de onderzoekers, de dingen waartoe we onze kinderen moeten aanmoedigen om betere volwassenen te worden: met stenen gooien, een auto besturen, op straat slapen, een speer smijten, allerlei dingen in de microgolf opblazen, spullen uit het raam van de rijdende auto gooien, een bom in een zak maken, op het dak kruipen, voorwerpen van hoge plaatsen naar beneden laten vallen, een katapult maken, in een vuilbak duiken, dingen in de fik steken met een vergrootglas, je vrienden vergiftigen, met vuur spelen, glas stuk slaan.

Toen ik dat las, kreeg ik plots een ingeving. In België kunnen de Amerikaanse onderzoekers hun boek onder een andere titel op de markt brengen: Fifty Ways to Survive in Brussels (Things You Should Teach Your Children). Het zou een overlevingsgids kunnen zijn, een manier voor ouders om hun kinderen voor te bereiden op de harde werkelijkheid van de straat.
Het zijn namelijk doelgerichte oplossingen en initiatieven waaraan de inwoners van Brussel behoefte hebben, niet het eindeloos, communautair gezwam waarin dit debat weer aan duizelingwekkende snelheid dreigt te hervallen. Het internet loopt nu al over van blogs en opiniestukken boordevol creatieve ideeën. Er is geen politicus, advocaat of politiecommissaris die zijn gedacht nog niet heeft gezegd. Nultolerantie, samenvoeging van de politiezones, snelrecht, drastische reorganisatie, opsluiting, deportatie. Bovendien haast iedereen in Vlaanderen zich om erop te wijzen hoe lang geleden het al is dat zij waarschuwden voor een groeiend probleem in Brussel. ‘Hadden jullie toen maar geluisterd.’
Er zijn mensen die luisteren. Didier Gosuin van het FDF bijvoorbeeld, burgemeester van Oudergem, de meest verfranste gemeente in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Gosuin luistert al jaren. In een interview zei hij gisteren dat ook nu weer de Vlaamse politici lijden aan institutionele waanbeelden. Hij waarschuwt dat als de Vlaamse partijen de politie en justitie in Brussel in vraag stellen, de Franstaligen de oververtegenwoordiging van de Vlamingen in het Brussels parlement terug ter discussie zullen brengen.
Communautair gezwam dus, en meteen ook het einde van het debat. Met het mes op de keel, zoals het wel vaker gaat in de politiek.

Ik beken schuld: ik ben een overbeschermende ouder. Ik laat mijn kinderen niet elkaar het mes op de keel zetten, of van het dak springen, of uit het raam van de rijdende auto hangen. Maar laat het nu in een onbewaakt ogenblik zijn dat mijn twee jongste kinderen een springtouw tussen twee keukenstoelen bonden om te leren hoogspringen. Met heel veel bloed en een rit naar de spoedgevallen tot gevolg.
Ze zullen dus toch nog goed terecht komen, mijn kinderen.
_

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen