zaterdag 3 november 2012

Ten paradijze geleiden u de engelen

Vandaag ging ik naar een begrafenis in de Basiliek van Scherpenheuvel. De man die ten grave werd gedragen was 86 jaar oud en een ver familielid. Hij was de neef van mijn grootvader, wat betekent dat een heel klein beetje van hetzelfde bloed door onze aderen stroomde. Ik kende hem niet zo goed, wat ik vandaag betreur. Want nu ik zijn kinderen en kleinkinderen aan het woord heb gehoord, lijkt het wel alsof er een wereld aan mij ontsnapt is. 
 
Maar misschien is niet alles verloren.

Vijf korte maanden geleden vond er in het leven van deze man een tragische gebeurtenis plaats. Zijn vrouw, zijn geliefde met wie hij al bijna 65 jaar getrouwd was, stierf na een lange ziekte. Ze had twee jaar in bed doorgebracht en hij had dag in dag uit voor haar gezorgd en bij haar gewaakt. Hij had haar hand gestreeld en liefdevol gekust, zoals hij elke dag gedaan had gedurende al die lange jaren van hun huwelijk. En toen was ze gestorven.

Ik was ook op haar begrafenis in de Basiliek van Scherpenheuvel. De man zat naast de kist van zijn geliefde, met het hoofd gebogen, en staarde mistroostig voor zich uit. Omringd door zijn kinderen en kleinkinderen zat hij helemaal alleen en verlaten naast het dode lichaam van de vrouw die hij zijn hele leven had bemind. Sinds de kleuterschool waren ze al verliefd op elkaar. En dat was sindsdien nooit meer veranderd.
Hoe moet het zijn, vroeg ik mij af, om je hele leven lang van iemand te mogen houden? Zonder ophouden. Zonder die liefde ooit in twijfel te trekken. Zonder te moeten vrezen dat ze ooit zal verdwijnen. Elke dag zo zeker zijn van waar je hart woont, dat je nooit meer eenzaam hoeft te zijn. Nooit meer verloren.

Vijf maanden geleden zat de man naast een kist. Vandaag was zijn stoel leeg. Vandaag werd hij zelf begraven. Zijn kinderen spraken mooie woorden en troostten elkaar. Ze vertelden het verhaal van de liefde die hen had voortgebracht. Ze wisten niet beter, zeiden ze, want moeder en vader waren verliefd en bewezen elke dag hoeveel ze van elkaar hielden, alsof het de normaalste zaak van de wereld was. Ze zorgden voor elkaar. Ze zorgden voor hun kinderen. Ze zorgden voor hun kleinkinderen. Ze genoten van de kleine dingen. Ze dansten door de kamer. 
 
In Paradisum  --  William-Adolphe Bouguereau
Tijdens het laatste deel van het Requiem, terwijl zijn kist werd buitengedragen, zongen de aanwezigen het pijnlijk mooie In paradisum deducant te angeli. Ik wil geloven dat de engelen hem zullen begeleiden. Naar het paradijs. Naar het paradijs in de armen van zijn geliefde, waar hij met vreugde zal ontvangen worden en hij voor altijd mag rusten in vrede.

Niets is verloren. Graag zien is de normaalste zaak van de wereld. 



-----
 Een reactie is welkom, mits goede manieren.

2 opmerkingen:

  1. Liefde bestaat want je kan de gevolgen ervan zien.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. de overledene , Marcel , was gewoon vleesgeworden liefde , je zag de warmte in zijn blik , ook naar anderen toe .

    BeantwoordenVerwijderen