woensdag 18 maart 2009

Dagboek van een oorlog (6)

_
Dinsdag 18 maart 2003

Vandaag is bij mij de verslagenheid heel groot. Het wachten is voorbij. Saddam en zijn zonen hebben achtenveertig uur de tijd gekregen om Irak te verlaten, met als gevolg dat de oorlog er nu echt zit aan te komen.
Tijdens de toespraak van Bush kon ik mijn tranen niet bedwingen. Hij richtte zich tot de Iraakse soldaten met de boodschap niet langer een stervend regime te verdedigen. Toch offeren die soldaten zich met passie op voor hun president. Stervend regime of niet.
Zo zijn de Irakezen nu eenmaal. Ze geloven koppig in de overwinning. Zelfs wanneer ze oog in oog staan met het machtigste leger ter wereld. Voor ons lijkt dat hallucinant, maar voor hen is het vanzelfsprekend. Kijk maar naar alle vrijwilligers uit andere Arabische landen die trouw zweren aan Saddam en ook bereid zijn om hun leven te geven in een strijd die voor ons al op voorhand verloren lijkt.
Toen ik het vliegtuig van de VN inspecteurs zag opstijgen, vloeide bij mij weer de tranen. ‘Mission failed’, zei de nieuwslezer. Wat gefaald heeft is de diplomatie, de volharding, de goedheid.

Gisteren stond er op pagina drie van de Jordan Times een artikel over hoe een Egyptische populaire zanger, Shaban Abdel Rahim, de gevoelens van vele Arabieren heeft omgezet in het lied Attacking Iraq. Het zou gaan over een protestlied gericht aan het adres van George Bush.
‘Kijk liever naar IsraĆ«l en laat Irak met rust!’, zingt Abdel Rahim. Het lied is erg populair downtown, waar de gemoederen altijd sneller en hoger oplaaien dan uptown. Maar volgens het artikel begint er nu ook in de andere delen van de stad vraag te komen naar het lied.
Protest is er in mijn onmiddellijke omgeving ook tegen de nakende oorlog. Iedereen maakt zich erg ongerust. De meeste mensen beschouwen een oorlog als illegaal en onaanvaardbaar. Afgelopen zondag werd er hier vlakbij een wake bij kaarslicht gehouden. Daar werden borden met Disarm Bush omhoog gehouden. De anders zo gematigde Jordaniƫrs uiten nu openlijk hun misnoegen.

Samen met de rest van de wereld telt Amman af naar het moment van de waarheid. Nog achtenveertig uur. Moeten we nu hopen dat het een korte blitz wordt? Dat ze Saddam en zijn zeven dubbelgangers binnen afzienbare tijd kunnen ombrengen? Misschien wel. Veel anders zit er niet meer op. Misselijk word ik er van.

Lees ook de andere dagboekfragmenten,
te beginnen bij Dagboek van een oorlog (1)
_

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen